Nederlanders op de Titanic

Honderd jaar na de ramp met de Titanic brengt het Maritiem Museum Rotterdam de tentoonstelling ‘Nederlanders op de Titanic’. De tentoonstelling, die duurt van 11 februari t/m 17 juni vertelt het persoonlijke verhaal van de drie Nederlandse opvarenden: een directeur van de Holland-Amerika Lijn, een kok en een stoker.
VAN BADEN IN LUXE TOT WERKEN IN DE HEL
Op de intieme tentoonstelling zien bezoekers deze drie Nederlanders in hun eigen omgeving aan boord van de Titanic. In de eersteklas hut ontbreekt het de Rotterdamse jonkheer George Reuchlin aan geen enkele luxe. Als directeur van de Holland-Amerika Lijn is hij uitgenodigd omdat hij een schip in bestelling heeft bij dezelfde werf waar de Titanic is gebouwd. Onderweg stuurt hij liefdevolle brieven en een ansichtkaart aan zijn vrouw en kinderen.
Prent van de ondergang van de Titanic.
Prent van de ondergang van de Titanic.

Hendrik Bolhuis werkt als kok in de keuken van het à la carte restaurant van de Titanic. Hij bereidt bijzondere gerechten waarmee hij in hotels in Londen, Parijs en Monte Carlo al goede sier maakte. Zijn broer verwacht hem binnenkort met verlof in Groningen.
De derde Nederlander aan boord van de Titanic is Wessel van der Brugge. De avontuurlijke stoker houdt diep in de buik van het schip de ketels gaande. Zijn zus heeft al maanden niets meer van hem gehoord. Zij kan niet vermoeden dat hij aan het werk is op de Titanic.
KLASSENVERSCHIL
De ramp met de Titanic maakt het klassenverschil, dat aan het begin van de 20ste eeuw heerst, pijnlijk duidelijk. Meer dan de helft van de eersteklaspassagiers overleeft het drama. Het merendeel van de derdeklaspassagiers en de bemanning gaat ten onder. Hoewel Reuchlin vanwege zijn stand een plek kan bemachtigen in een van de reddingssloepen, heeft hij vermoedelijk gehoor gegeven aan de fatsoensregel om vrouwen en kinderen voor te laten gaan. Hij overleeft de ramp niet. Ook Hendrik Bolhuis en Wessel van der Brugge keren niet naar hun familie terug.
VERLOREN KOFFER
De persoonlijke bezittingen van George Reuchlin en Hendrik Bolhuis zijn door hun familie jarenlang zorgvuldig bewaard en speciaal voor de tentoonstelling ter beschikking gesteld. De bezoeker ziet originele portretfoto’s en de laatste brieven en ansichtkaart die Reuchlin schreef aan zijn vrouw en kinderen. Van Hendrik Bolhuis zien we zijn koffer met zijn kookboek en briefjes van zijn liefjes, die op de kade van Southampton was achtergebleven. Wessel van der Brugge ging, zoals de meeste stokers, nagenoeg anoniem ten onder.

Het Maritiem Museum Rotterdam, gelegen aan de Leuvehaven 1 te Rotterdam, is geopend van diinsdag t/m zaterdag van 10.00-17.00 uur, zon- en feestdagen van 11.00-17.00 uur.
Entree € 7,50, kinderen van 4 tot 16 jaar € 4,00, Museumkaart gratis.
Meer informatie op www.maritiemmuseum.nl.