De Côte d'Azur. Je zou denken dat daar alles wel van verteld en bekend is. De riante zonovergoten stranden, havens met de duurste jachten, het filmfestival van Cannes, het casino van Monte Carlo, de exclusieve disco's en het jetsetstrand van St. Tropez.
Toch is het leuk om als 'eenvoudige' toerist er een keertje te gaan kijken. Nog leuker is het als je wordt ingewijd in het wereldje van glitter en glamour vol geheimen en roddels.
Dat geluk had ik door in Cannes het Nederlandse echtpaar Arnold en Debbie Verhoeven tegen het lijf te lopen. Samen runnen zij in Le Cannet, een dorpje even buiten Cannes, het Nederlandse hotel Thomas. Om hun gasten een beetje wegwijs te kunnen maken, struinen zij regelmatig de omgeving af op zoek naar aparte mensen en plekjes. En laten zij nou net even tijd hebben om mij die te laten zien!
Roseline is al bijna 700 jaar dood, maar haar lichaam is nog altijd helemaal gaaf. BEROEMDHEDEN
Zo krijg ik eerst een rondrit-met-uitleg langs beroemdheden, die wonen of hebben gewoond in het riante gedeelte tussen Cannes en Cap d'Antibes. Het eerste wat me opvalt is dat de Middellandse Zee écht zo blauw is! En dan die huizen, de een nog mooier dan de ander. Het wordt nog mooier als je weet wie daar woont of gewoond heeft. Neem Freddy Heineken. Had daar een leuk stulpje, direct aan de azuurblauwe zee. Als je het niet weet, valt het niet op, want er staat geen Heineken-logo aan de gevel.
Ook John Wayne's voormalige optrekje gaat ongemerkt aan je voorbij als je niet gewezen wordt op het huis met de schoorsteen in de vorm van een enorme cowboyhoed. De filmheld was duidelijk trots op zijn cowboy-image.
Trots was ook Maurice Chevalier, in de jaren veertig en vijftig een van Frankrijks grootste entertainers. Hij zag zichzelf graag overal afgebeeld. Zelfs aan de poort van z'n huis in Cap d'Antibes. Aan twee kanten hangt zijn hoofd, althans een afgietsel daarvan. Behalve ijdel was hij ook slim. De oude maestro hield het stiekem met miss Tinquette, zijn overbuurvrouw, en liet een tunnel graven naar haar huis, zodat ze ongezien hun gang konden gaan.
TOON HERMANS
Het was ook in deze omgeving dat Toon Hermans vanuit het raam van zijn kamer in het exclusieve Hotel du Cap zijn 'Middellandse Zee'-hit schreef. Een betere inspiratiebron kon hij niet hebben. Op de weg naar het stadje Antibes passeren we nog even het landgoed van de Kennedy's. Hoewel de bekendste leden van deze familie inmiddels dood zijn, wordt het landgoed bewaakt of hun leven er van afhangt. Overal zitten veiligheidsagenten met mitrailleurs. En dat terwijl er niemand thuis is.
KUNSTENAARS
Genoeg gegluurd, op naar de armere rijken, de kunstenaars van St. Paul de Vence. Daar lopen we Thérèse Steinmetz, ooit succesvol zangeres in Nederland, tegen het lijf. Zij heeft een galerie, waar zij ook schildert, in dit prachtig op een berg gelegen kunstenaarsdorp. Zij maakt voornamelijk mooie vrouwen. 'Droomvrouwen', legt Thérèse, die er met haar 63 jaar nog heel charmant uitziet, mij uit als ik haar ontmoet in haar atelier. "Zulke vrouwen bestaan niet." Toch meen ik in de vele gezichten die aan de muur hangen Thérèse zelf te herkennen.
Tijd voor een aperitief. En waar kun je dat in St Paul de Vence beter gebruiken dan in de Colombe d'Or. In dit etablissement waren de schilders Chagall, Matisse en Picasso kind aan huis. En wat alleen kunstenaars kunnen maken: ze betaalden niet met geld maar met een schilderij, dat zij ter plekke op een tafelkleed maakten. Die hangen nu aan de muur en zijn inmiddels miljoenen waard. Als ik wil afrekenen met een op een servetje gemaakte tekening van mijn dochter, kijkt de ober me vreemd aan. 'Waar is de gulle lach gebleven?', om met Sonneveld te spreken. Die schijnt hier trouwens ook jaren gewoond te hebben.
In dit bergdorpje, opgebouwd uit prachtige steegjes met fraaie uitzichten, beland ik in een galerie vol schepen-schilderijen. Typisch Nederlands. Klopt ook wel, want de schilder (en galerie-eigenaar) is Dirk Verdoorn. Tot hij hier 18 jaar geleden neerstreek 'in Nederland had ik niks te zoeken, Frankrijk was mijn thuis' had hij zijn leven lang gevaren. Als kind op het schip van zijn vader, later op eigen (zee)benen. Op zijn 26ste had hij er genoeg van en wilde hij alleen nog schepen schílderen. En daar verdient hij nu zijn brood mee.
ROSELINE
Op de terugweg van onze privé-excursie heeft gids Arnold Verhoeven nog een verrassing in petto. Daarvoor gaat hij weg van de kust, de Provence in. Na een kwartiertje houden we stil bij een klooster in het dorp Les Arcs sur Argens en lopen een kapelletje binnen.
Plotseling sta ik voor een glazen kist, waarin een vrouw ligt opgebaard. Haar gezicht, handen en voeten zijn zwart, door haar half openstaande mond zijn twee tanden zichtbaar. Wat luguber! Wat is dít? "Een wonder", zegt Arnold. "Deze vrouw, Roseline geheten, is al bijna zevenhonderd jaar dood en nog altijd helemaal gaaf."
Roseline was de dochter van een rijke edelman die een slot bewoonde in Les Arcs. Toen de bevolking door droogte geen eten meer had, smokkelde zij stiekem eten buiten de poort. Omdat dat niet mocht, werd zij aangehouden door schildwachten. Zij moest laten zien wat zij onder haar kleren verborgen hield. Maar toen haar jas openging, zagen de bewakers alleen maar rode rozen. Het eerste wonder was geschied.
Roseline ging daarna, tegen de wens van haar vader, het klooster in, waar zij haar verdere leven doorbracht, o.a. als moeder-overste. Na haar dood in 1329 werd zij bij het klooster van Les Arcs sur Argens begraven tussen andere nonnnen. Na vijf jaar moest het kerkhof worden geruimd. Roselines lichaam bleek nog helemaal gaaf, haar ogen straalden zelfs licht uit. Zij werd in het kapelletje opgebaard en sindsdien is dat een bedevaartsoord.
Lodewijk de XIVde geloofde dit verhaal zoals zovelen niet en liet sectie verrichten op Rosalines lichaam. En wat bleek: al haar organen zaten er nog in; zij was niet gebalsemd. De zonnekoning moest daarna wel toegeven dat hier echt sprake was van een wonder.
Toen laatst de wijnoogst door droogte in gevaar kwam, trokken de boeren massaal naar Roseline. Zij waren nog niet thuis of de eerste regendruppels vielen al.
Een ongelooflijk verhaal, op een steenworp afstand van de rijken der aarde, die waarschijnlijk nog nooit van Roseline hebben gehoord.